Lente: voorkom maaislachtoffers.




Als, na een koude periode, eind mei en begin juni verrassend warm worden de jongen van de aanwezige fauna geboren: hazen, konijnen, reƫen, weidevogels etc. Maar het is ook de tijd, dat het gras stevig is gegroeid en de boeren gaan maaien.

Elk jaar in mei worden circa 30.000 reekalveren geboren die een veilig heen komen zoeken in de ruigten in hun leefgebied. Dat doen ze het liefst in de beschutting van een bosrand, maar als het droog is, ook graag in het lange gras. Helaas is dat voor hen levensgevaarlijk wanneer het gras gemaaid wordt.

De jongen zijn zich niet bewust van het gevaar dat er aan komt. Ze liggen enigszins beschut in het lange gras. Dat blijft soms zo tot eind juni het gras gehooid moet worden. Veel van hun omgeving hebben ze al in enkele uren als veilig ervaren. Bij het gevaar dat zij tot dan kenden hebben ze zich leren drukken, Want echt vluchten kunnen ze nog niet. De jonge dieren zijn daardoor kwetsbaar voor de niets ziende machines.

Vreemd maken perceel.
Voorkom slachtoffers bij het maaien van lang gras en ruigten door de middag/ avond voor het maaien het perceel onaantrekkelijk (vreemd) te maken.
De reegeit zal namelijk de reekalveren niet snel in een gebied laten waar zij zelf nerveus wordt van de nieuwe indrukken die zij opdoet.

U kunt van deze kennis gebruik maken en zorgen dat de reegeit en de reekalveren het te maaien weiland niet meer aantrekkelijk vinden. U kunt bijvoorbeeld vreemd uitziende, bewegende, ruikende en klinkende voorwerpen in het perceel ophangen zoals papieren of plastic zakken. Deze fladderzakken dienen enige stevigheid te hebben en op de kop te worden opgehangen zodat zij goed door de wind worden bewogen. Prachtige reclame objecten trouwens.

Als je dat de avond voor het maaien doet zullen de reekalveren het weiland voordat begonnen wordt met maaien, verlaten. En liever teruggaan naar waar ze zich nog veiliger wanen, onder een braamstruik, in de hei of andere vertrouwde ruigte. De afstand tussen de zakken is circa 25 meter uit elkaar en bij voorkeur circa 15 meter uit de perceelrand in het perceel. Helaas hebben we nog niet iets gevonden om de fladderzakken efficient te plaatsen en, belangrijker nog, weer op te halen
.

Een andere optie is het perceel de middag/avond voor het maaien uit te drijven met drijvers en goede honden. De gevonden jongen worden met behulp van gras in de ruigte naast het perceel gelegd. Beiden zijn dit echter arbeidsintensieve oplossingen.

Aanpassen maaimethode.
Een effectievere methode is het in overleg met het loonbedrijf aanpassen van de maaimethoden. In plaats van het gebruikelijke van buiten naar binnen maaien, wordt het perceel van binnen naar buiten gemaaid:
  1. Ga naar het midden van het perceel en maai het middenstuk.
  2. Keer de machine om
  3. Maai van binnen naar buiten met wildredders op de maaier
  4. Maai tenslotte de randen en de overhoeken.


Dus nadrukkelijk nooit meer van buiten naar binnen maaien, waarbij de fauna naar het midden van het perceel worden gedreven en worden "opgesloten".



De vereniging Het Reewild voert een landelijke campagne om deze maaimethode onder de aandacht van de loonbedrijven te brengen en de loonwerkers en agrariers te bewegen over te stappen op deze nieuwe methode. Een methoden, die weliswaar ietsje duurder is, maar veel effectiever in de bescherming van de fauna en het wild. Bij de vereniging Reewild zijn geplastificeerde instructiekaarten voor de medewerkers verkrijgbaar.

Meer informatie: http://www.reewild.nl/
Bron: Vereniging Het Reewild (VHR).